| |
Daarom lachte ze in zichzelf. Zou de liefde voor mij dan nog weggelegd zijn? dacht ze. Ik ben immers verwelkt, en ook mijn man is al oud.
Toen hij voelde dat hij niet lang meer zou leven, liet hij zijn zoon Jozef bij zich komen. ‘Als je het goed met me voorhebt,’ zei Israël, ‘leg dan je hand in mijn lies en geef mij blijk van je liefde en trouw: zweer dat je me niet in Egypte begraaft.
maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.
die duizenden geslachten zijn liefde bewijst, die schuld, misdaad en zonde vergeeft, maar niet alles ongestraft laat en voor de schuld van de ouders de kinderen en kleinkinderen laat boeten, en ook het derde geslacht en het vierde.’
Want de HEER, uw God, is een God van liefde. Hij zal u niet verlaten en u niet in het verderf storten. Wat hij uw voorouders onder ede heeft beloofd, vergeet hij niet.
maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.
Hij zal u zijn liefde betonen, u zegenen en u talrijk maken. Zijn zegen zal rusten op de vrucht van uw schoot en de vrucht van het land – koren, wijn en olie –, op de dracht van uw runderen, schapen en geiten, in het land dat hij u zal geven, zoals hij uw voorouders onder ede heeft beloofd.
heeft toch alleen voor úw voorouders liefde opgevat en uit alle volken juist u, hun nazaten, uitgekozen!
Ook u moet vreemdelingen met liefde behandelen, want u bent zelf vreemdelingen geweest in Egypte.
Want de HEER zal het hem niet willen vergeven; de HEER zal zijn gekrenkte liefde wreken en al zijn woede tegen hem laten losbarsten. Alle vervloekingen die in dit boek beschreven zijn zullen hem treffen, en de HEER zal ervoor zorgen dat niets op aarde nog aan hem herinnert.
Hij vond het in een dorre woestijn, in een niemandsland vol van gevaar. Hij omringde het met zorg en met liefde, koesterde het als zijn oogappel.
Het verdriet verstikt me, Jonatan, je was mijn broeder, en mijn beste vriend. Jouw liefde was mij dierbaar, meer dan die van vrouwen.
Salomo zelf toonde zijn liefde voor de HEER door te handelen naar wat zijn vader David hem had voorgehouden, maar ook hij bracht zijn offers en brandde wierook op de offerplaatsen.
Geprezen zij de HEER, uw God, die zo veel behagen in u schept dat hij u op de troon van Israël heeft gezet. Zijn liefde voor Israël is zo grenzeloos dat hij u als koning heeft aangesteld om recht en gerechtigheid te handhaven.’
Daarom leverde u hen uit aan hun onderdrukkers.
Wanneer ze werden onderdrukt riepen ze u aan, en u, vanuit de hemel, verhoorde hen. In uw grote liefde stuurde u bevrijders naar hen toe, en telkens weer redden die hen van hun onderdrukkers.
Maar in uw grote liefde hebt u hen niet voor altijd vernietigd. U hebt hen niet verlaten, want u bent een genadige en liefdevolle God.
En de koning voelde voor Ester meer liefde dan voor alle andere vrouwen, meer dan alle andere meisjes verwierf zij zijn bewondering en genegenheid. Daarom deed hij haar de koninklijke hoofdband om en maakte haar koningin in de plaats van Wasti.
U schonk mij het leven en de liefde, uw zorg heeft mij bewaard.
Of het nu is om de aarde te straffen (37:13) Of het nu is om de aarde te straffen – Voorgestelde lezing. MT: ‘Of voor zijn staf of voor zijn aarde’. of ten teken van liefde – hij laat het gebeuren.
Maar ik mag door uw grote liefde uw huis binnengaan, van ontzag vervuld mij buigen naar uw heilige tempel.
|
|
Voor de mensen is de liefde tot de begeerlijkheden aantrekkelijk gemaakt, zoals vrouwen, zonen, opgehoopte fortuinen van goud en zilver, gemerkte paarden, vee en bouwland. Dat is het genot van het tegenwoordige leven; maar God, bij Hem is de goede terugkomst. *
Zij die geloven en de deugdelijke daden doen, aan hen zal de Erbarmer liefde doen toekomen.
'Werp hem in de kist en werp hem in de zee, dan zal de zee hem op de kust werpen, zodat een vijand van Mij en een vijand van hem hem zal opnemen.? En Ik heb over jou liefde van Mij uitgestort en jij moest onder Mijn ogen grootgebracht worden.
En hij zei: "Jullie hebben je in plaats van God slechts afgoden genomen om jullie onderlinge liefde in het tegenwoordige leven [te bestendigen], maar op de opstandingsdag willen jullie elkaar niet meer kennen en vervloeken jullie elkaar; jullie verblijfplaats is het vuur en jullie zullen geen helpers hebbent *
En tot Zijn tekenen behoort dat Hij voor jullie echtgenotes uit jullie eigen midden geschapen heeft om bij haar rust te vinden. En Hij heeft liefde en erbarmen tussen jullie gebracht. Daarin zijn tekenen voor mensen die nadenken.
|